De 15 kleinste Steden van Noord-Holland

4 minuten leestijd

Bij de kleinste steden van Nederland denk je niet direct aan de provincie Noord-Holland, dat met Amsterdam de grootste stad van Nederland kent. In Noord-Holland liggen echter elf plaatsen met middeleeuwse stadsrechten die minder dan 10.000 inwoners hebben.

Top 15 – Kleinste steden van Noord-Holland

  1. Burghorn. Stadje met ongeveer 115 inwoners. Voormalige zee-inham die direct na inpoldering werd verheven tot plattelandsstad.
  2. Schellinkhout. Stadje met 865 inwoners. Schellinkhout kreeg eerst in haar eentje stadsrechten, maar vormde vanaf 1414 met Wijdenes en Oosterleek de plattelandsstad ‘Stede Schellinkhout’. Deze Westfriese plattelandsstad viel in 1430 uit elkaar waarop Schellinkhout rond 1445 opnieuw in haar eentje stadsrechten kreeg. De ligging van Schellinkhout aan dezelfde baai aan de Zuiderzee als Hoorn, heeft er niet voor gezorgd dat dit dorp uitgroeide tot stad.
  3. Hensbroek. Stadje met 1.610 inwoners, dat eerst onderdeel was van plattelandsstad ‘Stede Spanbroek’ en later in haar eentje verder ging.
  4. Opmeer. Stadje met 2.150 inwoners, dat eerst onderdeel was van plattelandsstad ‘Stede Spanbroek’ en later in haar eentje verder ging.
  5. Winkel. Stadje met 3.505 inwoners. Nederzetting die in haar eentje stadsrechten kreeg als plattelandsstad.
  6. Spanbroek. Stadje met 4.725 inwoners, dat eerst onderdeel was van plattelandsstad ‘Stede Spanbroek’ en later in haar eentje verder ging.
  7. Obdam. Stadje met 5.960 inwoners, dat eerst onderdeel was van plattelandsstad ‘Stede Spanbroek’ en later in haar eentje verder ging.
  8. Edam. Stad met 7.389 inwoners. Edam was in de middeleeuwen een belangrijke handelsstad aan de Zuiderzee die later werd omgebouwd tot vestingstad.
  9. Muiden. Stad met 8.195 inwoners. In de middeleeuwen belangrijke handelsstad bij de monding van de Vecht in het Almere, die later werd omgebouwd tot vestingstad.
  10. Medemblik. Stad met tegenwoordig 8.680 inwoners. Reeds in de vroege middeleeuwen belangrijke handelsstad bij de overgang van het Almere in het Vlie, in die tijd belangrijke (internationale) vaarwateren. Medemblik werd later omgebouwd tot vestingstad.
  11. Monnickendam. Stad met 9.855 inwoners. In de middeleeuwen belangrijke handelsstad aan de Zuiderzee die later werd omgebouwd tot vestingstad.
  12. Naarden. Stad met 18.425 inwoners op strategisch belangrijke locatie langs de voormalige Zuiderzee die al vroeg uitgroeide tot vestingstad. Naarden is de best bewaarde vestingstad van Europa.
  13. Enkhuizen. Stad met 18.885 inwoners. Belangrijke handelsstad aan de voormalige Zuiderzee die al vroeg uitgroeide tot vestingstad.
  14. Schagen. Stad met 19.495 inwoners. Nederzetting die in haar eentje stadsrechten kreeg als plattelandsstad. Het lokaal belangrijke handelscentrum Schagen groeide uit tot stad in het bijzonder nadat het aan de in 1865 in gebruik genomen spoorweg tussen Alkmaar en Den Helder kwam te liggen.
  15. Weesp. Stad met 22.080 inwoners. Strategisch aan de Vecht gelegen handelsstad die al vroeg uitgroeide tot vestingstad.

De kleinste zeven Noord-Hollandse stadjes zijn allen voormalige Westfriese plattelandssteden, een type stad dat alleen in deze provincie voorkwam. Hierbij kreeg een combinatie van 2-4 dorpen stadsrechten kreeg als ‘Stede’. Twee plattelandssteden, Winkel en Schagen, kregen in hun eentje stadsrechten. Een groot aantal van de dorpscombinaties viel binnen een eeuw nadat ze gevormd waren weer uiteen, of werden de afzonderlijke rechtsgebieden van de dorpen in een ‘Stede’ door de Graaf van Holland apart als heerlijkheid verkocht. In veel gevallen kregen dergelijke dorpen niet lang daarna in hun eentje opnieuw stadsrechten. Echter, de meeste plattelandssteden hebben zich nooit tot stad ontwikkeld.

Haven Vestingstad Muiden

Daarnaast zijn er vijf kleine Noord-Hollandse steden die al voor het ontstaan van de plattelandssteden, stadsrechten hadden gekregen vanwege hun belang als handelsnederzetting. Deze stadjes lagen veelal aan de Zuiderzee of de rivier De Vecht, twee in de vroege middeleeuwen zeer belangrijke Nederlandse vaarroutes. Van deze vroegmiddeleeuwse handelsnederzettingen groeide het merendeel wel uit tot stad. Vanwege hun strategische belang werden ze bovendien in de zestiende-eeuw veelal omgebouwd tot vestingsteden.

Het verhaal van ‘Stede Spanbroek’

Alle vier de dorpen die aan de basis liggen van ‘Stede Spanbroek’ behoren tot de kleinste steden van Noord-Holland. In 1414 kreeg de dorpscombinatie Obdam, Hensbroek, Opmeer en Spanbroek stadsrechten van de Graaf van Holland als Stede Spanbroek. In 1426 raakte deze Stede haar stadsrechten al weer kwijt vanwege haar rol in de Hoekse en Kabeljauwse twisten. In 1429 werden deze vier dorpen door de Graaf van Holland als één heerlijkheid in leen gegeven. Deze heerlijkheid werd uiteindelijk het gedeelde eigendom van drie heren. Omdat deze drie heren voortdurend geschillen hadden over de verdeling van het gebied, en daarmee over de inkomsten van de heerlijkheid, deelde de Graaf van Holland haar in 1434 op in drie hoge heerlijkheden: Spanbroek, Opmeer en Obdam-Hensbroek. In 1456 kreeg Obdam-Hensbroek als ‘Stede Obdam-Hensbroek’ stadsrechten. Ook Spanbroek kreeg in 1456 opnieuw stadsrechten, deze keer in haar eentje. Bovendien kreeg Opmeer in haar eentje opnieuw stadsrechten, al is het niet precies bekend wanneer. De dorpen Obdam en Hensbroek lagen daarna nog jaren met elkaar overhoop en in 1544 vond er een ‘echtscheiding’ tussen deze twee dorpen plaats, die verder gingen als ‘Stede en Heerlijkheid Obdam’ en ‘Stede en Heerlijkheid Hensbroek’.

verrekijker

Bezienswaardigheden in de kleinste steden van Noord-Holland

  1. Burghorn
  2. Schellinkhout
    • Centraal in de stadskern gelegen straat De Laan met;
      • Raadhuis (Dorpsweg 118). Klein rechthoekig gebouwtje uit 1598 met bordes in de hoek van het kerkhof.
      • Martinus kerk (Dorpsweg 116)
      • Herberg (De Laan 4). Voormalige stadsherberg.
      • Strandje van Schellinkhout (eind van De Laan, over de Zuiderdijk). Buitendijks aan het IJsselmeer gelegen strandje.
    • De Steenen Kamer (Dorpsweg 61). Gebouw met één bakstenen kamer uit rond 1400, dat gelegen was aan de voorzijde van een houten boerderij. Het functioneerde als herenkamer voor de huisvesting van grafelijke gezagsdragers.
    • De Dregt (oostelijk langs de Dorpsweg). Meanderende voormalige veenrivier langs de bochtige Dorpsweg. Deze rivier monde in het verleden bij het Strandje van Schellinkhout uit in de Zuiderzee.
    • Houten huis (Dorpsweg 160). Vroeger waren de meeste huizen in West-Friesland van hout gebouwd. Dit houten huis uit ongeveer 1820 is een van de weinig houten huizen die nog resteert.
    • Stolpboerderijen. Langs de Dorpsweg staan nog diverse typische West-Friese stolpboerderijen: vierkante hoeves met een piramidevormig dak.
    • De Grote Molen (Zuiderdijk 58). Poldermolen naast;
      • Poldergemaal (Zuiderdijk 56)
  3. Hensbroek. Stadskern met;
    • Hervormde Kerk (Kerkweg 2) uit 1658.
    • Voormalige Pastorie (Kerkweg 4).
    • Raadhuis Hensbroek (Dorpsweg 61). Voormalig gemeentehuis.
    • Banpaal (Dorpsstraat bij 1, Obdam). Grenspaal uit 1835 bekroond door een vlampot op de grens van Obdam en Hensbroek.
    • Poldermolens
      • Polder Hensbroek (Oudenlandsedijkje 7).
      • Windmolen Nieuw Leven (Molenpad 6) voor de bemaling van de polder Wogmeer.
  4. Opmeer
    • Stolpboerderijen (Breestraat & Pade). Diverse typische West-Friese stolpboerhoeves: vierkante boerderijen met een piramidevormig dak.
    • Kaagmolen (Nieuweweg 2). Poldermolen uit 1654 op de Kaagpolder met daarnaast;
      • Hulp-gemaal (Nieuweweg 2a). Klein voormalig stoomgemaal met schoorsteen uit 1879.
  5. Winkel. Centraal gelegen stadsplein met daaraan;
    • Raadhuis (Bosstraat 2). Pand uit 1599 met hoog bordes en houten klokkentoren.
    • Herberg (Dorpsstraat 88).
    • Lucaskerk (Dorpsstraat 177). Waterstaatskerk uit 1845 op terp.
    • Post- en telegraafkantoor met directeurswoning (Bosstraat 30). Imposant postkantoor uit 1879 in eclectische stijl, met gepleisterde voorgevel met daarop het rijkswapen.
    • Huize Doornstaete (Bosstraat 56). Voormalig notariswoning in eclectische bouwstijl uit rond 1880.
  6. Spanbroek. Pittoreske oude stadskern met klein raadhuis aan plein met kerk en herberg;
    • Raadhuis (Spanbroekerweg 39) uit 1598.
    • Hervormde Kerk (Spanbroekerweg 37) uit de vijftiende-eeuw.
    • Herberg Spanbroek (Spanbroekerweg 33).
    • Poldermolen Westerveer (Zomerdijk 18)
  7. Obdam
    • Raadhuis (Dorpsstraat 106). Imposant gebouw uit ongeveer 1875 met centraal op de nok een houten klokkenstoel.
    • Brakenkerkje (Dorpsstraat 38). Hervormde kerk met ernaast;
      • Voormalige pastorie (Dorpsstraat 36).
    • Banpaal (Dorpsstraat bij 1). Grenspaal uit 1835 bekroond door een vlampot op de grens van Obdam en Hensbroek.
    • Poldermolens
      • Weel & Braken (Braken 11).
      • Obdammermolen (Obdammerdijk 8).
      • Berkmeermolen (Berkmeerdijk 18).
  8. Edam
  9. Muiden
  10. Medemblik met o.a.;
    • Kasteel Radboud (Oudevaartsgat 8). Resterende kwart van omgrachte dwangburcht uit 1288 bij het havenhoofd.
    • Bonefatius kerk (Kerkplein) met scheve kerktoren.
  11. Monnickendam
  12. Naarden
  13. Enkhuizen
  14. Schagen
  15. Weesp