Groningen is, na Flevoland en Drenthe, de provincie met de minste rijksmonumenten van Nederland. Toch kent deze provincie, naast de stad Groningen, de woonplaats met de hoogste monumentendichtheid van Groningen, tientallen historische dorpen en steden waar het is alsof je teruggaat in de tijd.
De meeste van deze sfeervolle oude woonplaatsen hebben de status van beschermd dorps- of stadsgezicht, als erkenning van hun cultuurhistorische waarde. De monumentendichtheid is een goede maat om de mooiste historische dorpen en steden in Groningen te rangschikken.
Veel van de mooiste historische dorpen van de provincie Groningen zijn wierdedorpen, zoals Garnwerd en Huizinge. Daarnaast staan diverse van de mooiste Groninger dorpen bol van herinneringen aan de achttiende-eeuwse Champagnejaren in de landbouw, met imposante herenboerderijen en fraaie rentenierswoningen. En ook alle drie nog bestaande schansdorpen aan de grens met Duitsland, i.e. Bad Nieuwschans, Bourtange en Oudeschans, staan in de ranglijst met mooiste historische dorpen en steden in de provincie Groningen.
Top 25 – Historische woonplaatsen met de hoogste monumentendichtheid van de provincie Groningen
- Appingedam (831).
- Groningen (532).
- Winsum (489).
- Garnwerd (474).
- Bad Nieuweschans (467).
- Onderdendam (355).
- Eenrum (347).
- Spijk (301).
- Zuidhorn (290).
- Warffum (224).
- Middelstum (224).
- Stedum (217).
- Veendam (191).
- Niehove (182).
- Ezinge (154).
- Uitwierde (133).
- Slochteren (120).
- Huizinge (89).
- Haren (89).
- Loppersum (85).
- Bellingwolde (77).
- Nieuw-Beerta (71).
- Oostwold (Oldambt) (65).
- Oudeschans (61).
- Bourtange (60).
De mooiste historische woonplaatsen in de provincie Groningen zijn gerangschikt op hun monumentendichtheid (aantal/100 hectare landoppervlak) in de historische woonkern van de plaats. Historische woonplaatsen zijn gehuchten, dorpen en steden waarvan de historische woonkern dis erkend als beschermd stads- of dorpsgezicht.
Het Verhaal van de mooiste historische dorpen en steden van Groningen
Wat direct opvalt aan de ranglijst van mooiste historische steden en dorpen van Groningen is dat hij wordt aangevoerd door drie van de vijf historische steden in de provincie Groningen.

Bovendien liggen de meeste mooiste Groninger woonplaatsen veelal op hoogtes in het landschap. Ofschoon we tegenwoordig bij de provincie Groningen denken aan een uitgestrekt vlak landschap, was deze provincie eeuwenlang grotendeels één grote natte woestenij met uitgestrekte kweldergebieden in het noorden en veenmoerasgebieden in het oosten en zuiden.
Niet geheel verbazingwekkend liggen veel van de historische dorpen en steden dan ook op (natuurlijke) hoogtes in dit natte landschap, van tijdens de ijstijden opgestuwde stuwwallen en opgestoven zandruggen, zoals UNESCO Geopark De Hondsrug tot door de mens Gecreëerde terpen, in Groningen wierden genoemd.

Toen het Hoge Noorden van deze provincie nog een uitgestrekt kweldergebied was, wierp de mens op de oeverwallen langs de kweldergeulen al voor het begin van onze jaartelling terpen op, om permanent in het gebied te kunnen wonen. Diverse van de mooiste plaatsen van Groningen zijn dan ook wierdedorpen, of zelfs -steden. Op de top van de wierde staat de dorpskerk in het midden van het kerkhof, met daaromheen een kerkring van aaneengesloten woningen zoals in Niehove en Uitwierde. In een aantal gevallen werd het kerkterrein tevens omgracht, zoals in Spijk. De kerkgracht werd dan tevens gebruikt als dobbe, de drinkplaats voor het vee waarvan het water tevens werd gebruikt als bluswater.
In de tweede helft van de achttiende eeuw groeide het, reeds eeuwen eerder ingepolderde, vruchtbare zeekleigebied uit tot de Graanschuur van Nederland. Tijdens deze Champagnejaren werden veel boeren schatrijk. Ze lieten imposante boerderijen bouwen met een enorme graanschuur en prachtig voorhuis omringd door een landschapstuin. In het buitengebied van diverse van de mooiste historische dorpen van Groningen, of langs de centrale as van het dorp, zoals in Bellingwolde, Wadwerd en Oostwold, staan nog altijd tientallen van deze grootse boerderijen. En na hun pensionering lieten de herenboeren fraaie rentenierswoningen in de dorpskern bouwen, zoals in Zuidhorn, Onderdendam, Usquert en Loppersum.
Drie van de mooiste historische dorpen in de provincie Groningen, Bad Nieuweschans, Oudeschans en Bourtange, zijn garnizoenssteden die onderdeel waren van de Linie van de Eems. Deze verdedigingslinie is aan het einde van de 16e eeu) aangelegd, en bestond uit schansen op de weinige doorgaande wegen door het toen door uitgestrekte moerassen verder ondoordringbare grensgebied, om zo Noord-Nederland te beschermen tegen aanvallen van de troepen van de oorlogszuchtige Prins-bisschop van Münster, ‘Bommen Berend’.

Naast de historische dorpen en steden in de provincie Groningen waarvan de historische kern is beschermd als stads- of dorpsgezicht, kent deze provincie ook nog een aantal gehuchten op wierden die de dans van de massale terpafgravingen in de 19e eeuw zijn ontsprongen, maar (nog) niet zijn beschermd, zoals Groot Maarslag en Biessum, waarvan ook de ossengangen nog grotendeels intact zijn.
De mooiste historische dorpen en steden in de provincie Groningen
Garnwerd – Terpdorp langs het Reitdiep
Garnwerd is een terpdorp dat is ontstaan op een kwelderrug op de westoever van de monding van de rivier Hunze. Het lag eeuwenlang vrij geïsoleerd, totdat rond 1630 de benedenloop van de Hunze werd gekanaliseerd tot het Reitdiep, tussen de stad Groningen en de Lauwerszee, waarlangs Garnwerd kwam te liggen.

Hierdoor kreeg de economie van Garnwerd een enorme impuls. De historische dorpskern, rond de dertiende-eeuwse dorpskerk, breide zich enorm uit in de richting van het Reitdiep met nieuwe bebouwing langs de pittoreske Burgemeester Brouwerstraat, de Hunzeweg en met op de dijk langs het Reitdiep het imposante veerhuis annex herberg ‘Hammingh’ en korenmolen ‘De Meeuw’.
Na ruim twee eeuwen nam de betekenis van Garnwerd weer af nadat Groningen in 1876 via het Eemskanaal een betere verbinding met zee had gekregen. Tegenwoordig is Garnwerd een charmant plattelandsdorp met langs het Reitdiep een pleisterplaats voor de recreatievaart.
Bad Nieuweschans – Schansdorp en kuuroord aan de Duitse grens
Bad Nieuweschans is de meest oostelijkst gelegen woonplaats van Nederland. Het dorp is ontstaan in en rond de in de zeventiende eeuw aangelegde militaire schans Nieuweschans. Dit gebastioneerde vestingwerk was omgeven door een gracht, met binnen de vestingwallen woningen voor de militairen en hun gezinnen, maar ook voor enkele middenstanders.
De strategisch gelegen Vesting Nieuweschans, aan de monding van de Eems, was onderdeel van de Groningse verdedigingslinie ‘Linie van de Eems’ in het grensgebied met Duitsland. Tot deze linie hoorden ook twee andere van de mooiste historische dorpen van Groningen; Bourtange en Oudeschans.
Door de inpoldering van het kweldergebied de Dollard in de monding van de Eems, kwam de Nieuweschans steeds verder landinwaarts te liggen en verloor zo, net als eerder de Vesting Oudeschans, zijn functie. In 1870 verloor Nieuweschans haar Vestingstatus waarna de vestingwerken grotendeels zijn geslecht. De voormalige schans veranderde in een plattelandsdorp.
In de tweede helft van de twintigste eeuw zijn een deel van de vestingwerken van Nieuweschans gereconstrueerd. Nadat in 1985 mineraalrijk bronwater was ontdekt op ruim 600 meter diepte, werd er een kuuroord naast het dorp aangelegd. Daarna werd in 2009 de naam van het dorp veranderd in Bad Nieuweschans.
Onderdendam – Historisch verkeersknooppunt en regionaal bestuurscentrum
Onderdendam ligt ongeveer vijftien kilometer noordelijk van de stad Groningen in het weidse Groninger landschap. In het dorp komen vier vaarwegen, later trekvaarten, uit alle windstreken samen. Hierdoor werd Onderdendam in de loop van de zestiende eeuw een belangrijke overslagplaats met voorzieningen als herbergen.

Deze waterlopen waren tevens onderdeel van het afwateringsstelsel voor de regio. In 1620 wordt in Onderdendam bij de brug over het Winsumerdiep, die onderdeel was van een belangrijke landweg, het fraaie blokvormige Zijlvesthuis gebouwd. Dit was het bestuurlijk centrum voor een aantal omliggende waterschappen. Twee eeuwen later werden hier vlakbij de Hervormde Kerk en het Kantongerecht Onderdendam gebouwd, de laatste met een fraaie achtervleugel over het Winsumerdiep. In de negentiende eeuw zijn er daarnaast diverse herenhuizen, en langs de vaart enkele fraaie rentenierswoningen, in de dorpskern van Onderdendam gebouwd.
Eenrum – Wierdedorp in Noord-Groningen
Eenrum is een wierdedorp ontstaan op een oeverwal langs de monding van de Hunze. Deze in de middeleeuwen belangrijke handelsrivier verbond de stad Groningen met de Waddenzee, totdat deze riviermonding aan het einde van de middeleeuwen verzande.
De radiale structuur van de dorpsterp van Eenrum, met padden vanaf de, tegenwoordig rechthoekige, ossengang (Oudeweg, Hoofdstraat, Zuiderstraat, Oosterstraat) naar de op de top van de terp gelegen Laurentiuskerk is nog deels herkenbaar. Deze van oorsprong dertiende-eeuwse dorpskerk is omgeven door een kerkhof en pastorietuin, welke worden omsloten door een ring van woningen. De karakteristieke, 50 meter hoge kerktoren van deze dorpskerk deed eeuwenlang dienst als baken voor schippers op de Waddenzee.
Aan de westzijde van de ossengang bevind zich een haventje aan het einde van de Eenrummermaar, de dorpsvaart de Eenrum verbind met de waterwegen door Noord-Groningen, in het bijzonder het Winsumerdiep naar het 5 kilometer zuidoostelijk gelegen Winsum. Vlak bij deze haven bevind zich aan de voet van de terp een stellingmolen, korenmolen De Lelie.
Vanaf de ossengang lopen diverse uitvalswegen naar de omringende, ingpolderde, kweldergronden en de dorpen Pieterburen en Mensingeweer. Na de Tweede Wereldoorlog is een nieuwbouwwijk aan de zuidzijde van het terpdorp gebouwd.
Spijk – Terpdorp met op de top een omgrachte kerk
Spijk is een radiaal wierdedorp met een dubbele ringweg en ringgracht rond het centraal gelegen kerkterrein. De ringweg naast de kerkgracht (’t Loug), is omringd door woonhuizen en staat via zes voetpaden en drie wegen in verbinding met het restant van de tweede ringweg (Achteromweg).

Aan de westzijde staat tussen deze twee ringwegen, op 50 meter van de kerktoren, korenmolen Ceres. Ernaast bevind zich de voormalige sarrieshut, het pand waar belasting op de gemalen graan werd geïnd door de Staten van Stad en Lande.
Zuidhorn – Regionaal plattelandscentrum in West-Groningen
Zuidhorn is een dorp dat ligt op een vier meter hoge stuwwal; de vijf kilometer lange in de voorlaatste ijstijd opgestuwde keileemrug van Noordhorn en Zuidhorn. Over deze één kilometer brede stuwwal loopt de historische landroute tussen de stad Groningen en Friesland. Zuidhorn ontstond als lintdorp aan deze weg, de huidige De Gast, Hoofdstraat.
In het dorp stonden vroeger drie borgen, waarvan nog slechts het Schathuis van de Hanckemaborg resteert. Vanaf halverwege de achttiende eeuw groeide Zuidhorn uit tot een regionaal bestuurlijk centrum voor haar agrarische achterland met kantongerecht, belastingkantoor, postkantoor en marechausseekazerne.
Vanaf het einde van de negentiende eeuw werden er in de dorpskern een tiental fraaie villa’s voor rentenierende boeren uit de omgeving gebouwd. Zuidhorn werd in 1938 van het noordelijker op deze stuwwal gelegen dorp Noordhorn gescheiden door de aanleg van het Van Starkenborghkanaal, dat de stad Groningen verbind met het IJsselmeer.
Warffum – Groot terpdorp in Noord-Groningen
Warffum is een wierdedorp met een oppervlakte van zo’n 12 hectare dat zo’n 6,3 meter boven haar omgeving uittorent. Daarmee ligt Warffum niet alleen op de grootste, maar ook op één van de hoogste terpen van Nederland.

Het wierdedorp heeft een rechthoekige structuur met in het centrum openluchtmuseum Het Hoogeland, dat bestaat uit bestaande dorpsbebouwing.
Middelstum – Radiaal terpdorp met twee ringwegen
Middelstum is een radiaal terpdorp met centraal op de wierde de kerk. Deze is tegenwoordig grotendeels omringd door een open ruimte nadat de borgen die aan beide kanten van de dorpskerk stonden in de achttiende eeuw gesloopt zijn. Wat nog resteert zijn de deels omgrachte borgterreinen; (i) het Asingapark met de borgwierde en de Asingapoort, de toegangspoort over de borggracht tot het borgterrein en (ii) het tot landschapstuin omgevormde omgrachte borgterrein Mentheda, met op de centraal gelegen borgwierde de in 1896 gebouwde villa ‘Mentheda’.

Bijzonder genoeg heeft Middelstum twee rondwegen rond de wierde. In de twintigste eeuw heeft er aan alle kanten rond de wierde nieuwbouw plaatsgevonden die in grote mate ook radiaal van opbouw is, en waarbuiten een tweede ringweg is aangelegd.
Noordoostelijk van de woonkern van Middelstum ligt het historische borgcomplex Ewsum, inclusief de imposante geschutstoren uit 1472.
Stedum – Handelsterp aan de dichtgeslibde Fivelboezem
Stedum is een wierdedorp dat is ontstaan op de zuidelijke oever van de, later dichtgeslibde, monding van rivier de Fivel. In eerste instantie was het een vrij klein kerkdorp rond de forse Bartholomeuskerk met haar fraaie interieur met gewelfschilderingen, overhuifde herenbank, praalgraf en rouwborden. Later werd deze kerkterp uitgebouwd tot handelsterp, door het opwerpen van een tweede, langgerekte terp ter hoogte van de huidige Hoofdstraat. Stedum was dan ook eeuwenlang een belangrijk bovenlokaal handelscentrum.

Naast de deels omgrachte Bartholomeuskerk met haar scheve toren, staat op een ruim omgracht stuk land de pastorie uit 1933, op de locatie van een oude weem, een pastorieboerderij. Van de in 1818 afgebroken borg Nittersum, 100 meter oostelijk van de dorpskerk, resteren de omgrachte vierkante borgplaats, en de 900 meter lange toegangslaan.
Verspreid rond de historische kern van Stedum liggen een tiental grote, omgrachte, boerderijen met imposante voorhuizen, waaronder de aan de woonkern grenzende villaboerderij Niehof uit 1875 en de aan het eind van de Hoofdstraat gelegen omgrachte en omsingelde Jensemaheert.
Veendam – Centrum van de Groninger Veenkoloniën
Langgerekt kanaaldorp dat in 1655 is ontstaan tijdens de ontginning van het omringende hoogveengebied. Door de aanwezigheid van het riviertje de Oude AE, werden de twee nieuwe turfkanalen (Oosterdiep en Westerdiep) in een trechtervorm om dit riviertje heen aangelegd. Op de locatie waar de kanalen samenkomen werd de dorpskern van Veendam aangelegd, met kerk, gemeentehuis, hertenkamp en school, tegenwoordig het veenkoloniaal museum.
Niehove – Wierde- en kerkringdorp in Noordwest-Groningen
Radiaal wierdedorp met op de top van de deels afgegraven terp de dertiende-eeuwse dorpskerk met daaromheen een ringweg omringd door woningen.

Ezinge – Grotendeels afgegraven wierdedorp
Ezinge is een wierdedorp dat is ontstaan op een oeverwal langs het Reitdiep. De radiale wierde is aan het begin van de jaren 1930 voor driekwart afgegraven en archeologisch onderzocht, waarbij de ossengang grotendeels bewaard is gebleven.

De ooit centraal op de wierde staande dertiende-eeuwse dorpskerk met vrijstaande kerktoren naast het toegangshek tot het kerkhof, staat nu op de punt van de resterende taartpunt van deze radiale wierde, op een locatie 5,5 meter hoger dan de afgegraven omgeving. De historische woonkern van Ezinge bevind zich op het overige deel van deze taartpunt.
Noordelijk van de woonkern van Ezinge bevind zich, bij een meander in het Reitdiep, het historische borgcomplex Allersmaborg.
Uitwierde – Klein wierdedorp met twee ringstraten
Uitwierde is een klein wierdedorp met slechts 60 inwoners in het buitengebied van Delfzijl. Het is één van de weinige Noord-Nederlandse terpdorpen waarvan de terp nog grotendeels intact is. De wierde, heeft een radiale structuur, en is omringd door een vrijwel intacte ossengang (Weempad/Wierdeweg) aan de buitenzijde van de terp. Hier start ook de dorpsvaart (Uitwierdermaar) die dit terpdorp verbind met het Damsterdiep en de Stad Delfzijl.

Ook de negentiende-eeuwse dorpskerk, op de top van de wierde, die staat naast de losstaande kerktoren uit rond 1200, is omringd door een ring (Bakkerspad), met daaromheen huizen en boerderijen. Deze ring was ooit, net als in Spijk, een gracht, maar die is in de twintigste eeuw gedempt, waarna er een wandelpad rond de kerk is aangelegd.
Slochteren – Kasteeldorp met twee dorpskernen
Slochteren is ontstaan op een dekzandrug door het eens hier gelegen uitgestrekte veenmoerasgebied. Over deze ontginningsas liep een landweg, de huidige Hoofdweg, waaraan in de dertiende eeuw de dorpskerk werd gebouwd, het historische centrum van het lintdorp Slochteren.
Op een strategische locatie bij een knik in, en aftakking van, de Hoofdweg, één kilometer noordoostelijk van de dorpskerk, stond een boerderij waarbij in de dertiende eeuw een steenhuis werd gebouwd. Deze groeide later uit tot de Fraeylemaborg, het centrum van één van de grootste landgoederen van Groningen.

De borgheren van de Fraeylemaborg waren eeuwenlang tevens heer van Slochteren. In de zeventiende eeuw liet de toenmalige borgheer het Slochterdiep graven, voor het transport van turf geproduceerd bij het ontginnen van de grond in het noordwesten van Landgoed Fraeylemaborg. Aan het einde van dit kanaal, tussen het Overbos en Slochterbos op Landgoed Fraeylemaborg, bevind zich een haven. Rond deze haven, op honderd meter van de oprijlaan naar de Fraeylemaborg, ontstond in de zeventiende eeuw de tweede dorpskern van Slochteren met rechthuis, herberg en ontvangershuis.
Huizinge – Klein wierdedorp in Noordoost-Groningen
Huizinge is een klein dorp met slechts 100 inwoners. Dit oude wierdedorp heeft een rechthoekige structuur en ligt op een oude kwelderwal, met in het centrum van de deels afgegraven wierde, de door een droge gracht omgeven dertiende-eeuwse Janskerk.

Bij deze kerk staat de Eenkemaheerd, een grote boerderij met dwars voorhuis uit rond 1880, die ongeveer een kwart van de wierde in beslag neemt. Ook buiten de dorpskern van het wierdedorp staan een aantal grote boerderijen, waaronder de zich op een omgracht erf staande kop-hals-rompboerderij Melkema en de fraai versierde Oldambster-type boerderij Framaheerd.
Haren – ‘Wassenaar van het Noorden’
Haren is een dorp direct ten zuidoosten van de stad Groningen. Dit wegdorp ontstond langs een historische handelsweg, de huidige Rijksstraatweg, die over de langgerekte Hondsrug heenliep en het Groningse kustgebied met de Drentse zandgronden verbond. De Hondsrug is een in een ijstijd opgestuwde 6 meter hoge stuwwal, die bij Haren tussen de eens ontoegankelijke en uitgestrekte moerasgebieden langs de Drensche Aa en de Hunze doorliep. Langs deze landweg over de brede Hondsrugl, lagen diverse esdorpjes waaronder Haren. Haar historische kern bevond zich rond de dertiende-eeuwse Nicolaaskerk.

Vanaf de achttiende eeuw liet de welgestelde elite uit de nabijgelegen stad Groningen langs de Rijksstraatweg hun buitenplaatsen bouwen om ‘s-zomers de stad te kunnen ontvluchten. Deze landgoederen zijn rond 1900 verkaveld om plaats te maken voor tientallen vrijstaande villa’s met ruime tuinen. Zo werd Haren een zes kilometer lang villadorp, dat ook wel het ‘Wassenaar van het Noorden’ wordt genoemd.
Loppersum – Handelssterp die ooit in open verbinding met zee stond
Loppersum is een wierdedorp met de structuur van een handelsterp, en bestaat uit de centraal gelegen kerkwierde met daartegen een langgerekte terp, ter hoogte van de Lage- en Hogestraat. Loppersum ontstond op de oostoever van de monding van rivier de Fivel, aan het begin van de jaartelling een zeearm waardoor de nederzetting een directe verbinding had met de open zee en de handelsroutes naar het Oostzeegebied. Nadat deze Fivelboezem dichtslibde werd in de late middeleeuwen zuidelijk van het dorp, het kanaal de Loppersumser Wijmers gegraven die Loppersum met het Dampsterdiep, het kanaal tussen de stad Groningen en Delfzijl, verbond.

De Schipsloot, naast de Lage straat, verbind dit kanaal, waarover tot halverwege de twintigste eeuw beroepsvaart over plaatsvond, met de voet van de wierde. Op de top van de wierde vind zich een blokvormig door woningen omringd kerkterrein, met centraal de Petrus en Pauluskerk, de grootste dorpskerk in de provincie Groningen.
Nadat in 1884 de spoorlijn Groningen-Delfzijl was aangelegd, werd tussen de handelswierde en het nieuwe station een kleine stationswijk met forensenvilla’s, en rentenierswoningen voor gepensioneerde herenboeren uit de omgeving, aangelegd.
Bellingwolde – Lintdorp met imposante herenboerderijen
Bellingwolde is een lintdorp op een zandrug in het Oosten van Groningen aan de grens met Duitsland. Na de ontginning van het eens westelijk van deze zandrug gelegen hoogveengebied en de inpoldering van delen van het ten oosten ervan gelegen kweldergebied de Dollard, ontstond hier een zeer vruchtbaar landbouwgebied.
Tijdens de hoogtijdagen van de landbouw vanaf het einde van de achttiende eeuw, verwierven de Bellingwolder boeren zeer grote welvaart. Zij lieten imposante villa’s als voorhuis aan hun boerderijen bouwen, of lieten immens grote nieuwe boerderijen van het Oldambster type bouwen.
Halverwege het lint met deze boerderijen, bevind zich de historische dorpskern van Bellingwolde met dorpskerk en vrijstaande kerktoren, het voormalige rechthuis en rond deze kern diverse fraaie rentenierswoningen van gepensioneerde herenboeren.
Aan de grens met Duitsland zijn op Bellingwolde’s grondgebied in 1797 twee omgrachte schansen aangelegd als bescherming tegen vijandige invallen vanuit het oosten. In de praktijk zijn deze schansen echter voornamelijk gebruikt ter bestrijding van de smokkelarij in de grensstreek.
Oostwold (Oldambt) – Zichtbare kloof tussen landarbeider en herenboer
Oostwold in de gemeente Oldambacht is een veenontginningsdorp op een keileemhoogte aan het Oldambtmeer, op de grens met vruchtbare zeekleigronden van ingepolderde delen van kweldergebied de Dollard.
Tijdens de Champagnejaren verwierven de boeren er grote rijkdom en werden er buiten het dorp imposante boerderijen met rijk versierde voorhuizen gebouwd. Maar de contrasten waren groot en de historische dorpskern staan nog diverse eenvoudige kleine huizen voor de landarbeiders.
Oudeschans – Vestingdorp met klein boerendorp binnen de vestingwallen
Oudeschans is een vestingdorp in het oosten van Groningen. Het is ontstaan vanuit de militaire Bellingerwolderschans, die in 1593 was aangelegd bij een spuisluis voor de Westerwoldse Aa in de zeedijk (nu Poortweg/Voorstraat) langs de Dollard. Deze schans was onderdeel van de Linie van de Eems in het grensgebied met Duitsland, waartoe ook Bourtange en Bad Nieuweschans behoren.
Nadat halverwege de zeventiende eeuw diverse delen aan de zuidkant van kweldergebied de Dollard waren ingepolderd, verloor de Bellingerwolderschans aan betekenis. Ruim 6 kilometer noordelijker werd, langs de nieuwe oever van Eemsmonding, een nieuwe schans (nu Bad Nieuweschans) aangelegd, waarna de naam van deze garnizoensstad veranderde in Oudeschans.

Nadat in 1814 de Vestingstatus van Oudeschans was opgeheven, werd de vesting ontmanteld. Wat tegenwoordig resteert van Oudeschans is een klein plattelandsdorpje, met zelfs een grote Oldambster boerderij binnen de deels gerenoveerde vestingwerken. Ook de garnizoenskerk uit 1628, waar tegenaan later een pastorie is gebouwd, en het vestingmuseum herinneren ook nog aan het militaire verleden van Oudeschans.
Bourtange – Schansdorp aan de grens met Duitsland
Bourtange is een vestingdorp in het grensgebied met Duitsland. De vesting werd tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) aangelegd ter bescherming van een belangrijke handelsroute over een smalle zandrug dwars door het ontoegankelijke Bourtangermoeras in het oosten van Groningen.

Binnen de gebastioneerde, dubbel omwalde en -omgrachte, vesting woonden naast militairen ook middenstanders, die diensten leverden aan de militairen en hun gezinnen. Bourtange was onderdeel van de Groningse verdedigingslinie ‘Linie van de Eems’ in het Duitse grensgebied, waartoe ook twee andere van de mooiste historische dorpen van Groningen behoren; Oudeschans en Bad Nieuweschans.
Door de verdroging en ontginning van het Bourtangermoeras, nam het belang van Bourtange af, en in 1851 werd haar vestingstatus opgeheven. De gronden werden verkocht aan particulieren, en de nederzetting werd een boerendorp. Maar vanaf 1971 werd de vesting gereconstrueerd om er een toeristische attractie van te maken en zo het dorp een economische impuls te geven.