Geijsteren – Stadje omarmd door adellijk landgoed

8 minuten leestijd

Geijsteren is een historisch kasteeldorp aan de Maas in het noorden van Limburg. Het dorp ligt op een vier meter hoog Maasterras bij de nog vrij meanderende Oostrumse beek. Deze beek stroomt langs de ruïne van kasteel Geijsteren, om daarna in de Maas uit te monden.

Vanwege haar strategische ligging op de grens van Opper-Gelre en Brabant was de Graaf van Gelre van plan om van Geijesteren een militaire machtsbasis te maken. Hij kreeg in 1317 van de Rooms-Duitse koning toestemming om stedelijke vrijheden aan Geijsteren te geven, maar van zijn plannen is nooit iets terechtgekomen. De vergeten stad Geijsteren is met haar 410 inwoners één van de kleinste steden van Nederland.

De invloed van het om de historische stadskern liggende 700 hectare grote adellijke Landgoed Geijsteren is nog altijd goed merkbaar. De pachtboerderijen van het landgoed zijn duidelijk herkenbaar aan hun zwart-witte luiken, en staan naast elkaar langs de historische dorpsas en liggen verspreid in het Maasdal. Het omringende eeuwenoude landschap is zeer afwisselend met weiden en akkers begeleid door lanen en singels, bossen en restanten van oude Maasarmen.

Geijsteren – Op de grens van Maasterras en beekdal

Geijsteren is ontstaan bij de rand van een Maasterras, daar waar de in de zandgronden ingesneden Oosterumse beek via een oude Maasbedding in de Maas uitmond. Dit Maasterras was origineel onderdeel van de eertijds zeer brede (2.5 km) Maasvlakte met daarin een breeduit vlechtende Maas. Door de tektoniek in dit gebied kwam twee miljoen jaar geleden de oude Maasbedding hier lager te liggen. Het gebied langs de oevers van de oude Maasvlakte vormde zo een Maasterras, die bij Geijsteren ongeveer vier meter hoger ligt dan de Maasvallei. De terrasrand ligt ter hoogte van het historische dorpsplein en is in het bijzonder nog steeds goed zichtbaar parallel aan de Nieuwlandsestraat en de Sint Wilbertsweg.

Een locatie op de grens van nat en droog was een zeer gunstige vestigingsplek. Langs de Oostrumse beek lagen de beemden, natte graslandpercelen die in gebruik waren als hooi- en weiland. Daarachter lagen op de hogere en drogere zandgronden van het Maasterras de graanakkers. Daar weer achter lagen op de nog hogere dekzandgronden de schrale heidevelden die begraasd werden door schapen en koeien. Hun mest was cruciaal voor het bemesten van de akkers. De hoogte van de akkers (het esdek) groeide hierdoor, wat nog steeds zichtbaar is door de lichte bolling van de akkers dicht bij het dorp.

Geijsteren werd voor het eerste vermeld in 1215 maar dit gebied is al sinds de Steentijd bewoond. Geijsteren was een boerendorp waar de inwoners bijna allemaal hun bestaan vonden in de landbouw. De historische lintbebouwing bestond voornamelijk uit boerderijen en lagen langs de Dorpsstraat, de weg tussen de esakkers naar de woeste gronden. Pas vanaf 1963 is Geijsteren in fasen aan de noordwestkant uitgebouwd tot het huidige compacte dorp.

Ook op het lage Maasterras direct naast de Maas liggen verspreid enkele boerderijen. Deze zijn gelegen op 1-3 meter hoge terpen, veelal opgestoven zandheuvels. Dit is bijzonder fraai te zien is bij kasteelhoeve De Boogaard bij de ingang van Geijsteren.

Oostrumse Beek. Meander. Steilwand

Heren van Geijsteren – Heerser over Geijsteren en nabijgelegen heerlijkheden

De eerste heer van Geijsteren wordt vermeld in 1236. Omstreeks 1380 kwam de heerlijkheid Geijsteren, waarschijnlijk door koop, in het bezit van de familie Van Broekhuizen. Deze bezat al de naastliggende heerlijkheden Oostrum, met de burcht Spraland, en Oirlo. Geijsteren, Oostrum-Spraland en Oirle bleven afzonderlijke heerlijkheden met een eigen schepenbank, maar waren eeuwenlang onwrikbaar met elkaar verbonden door dezelfde heer.

Geijsteren werd in 1451 na de verdeling van de boedel van de kinderloos overleden heer van Geijsteren onder zijn familieleden tweeherig. Nadat de heerlijkheid bijna anderhalve eeuw tweeherig was geweest, alhoewel er nooit een echte opdeling van Geijsteren heeft plaatsgevonden, kwamen de twee helften in 1592 weer in één hand toen de zoon en dochter van de toenmalige halfheren met elkaar trouwden. Deze familie bleef eigenaar van Geijsteren tot het via vererving en huwelijk in 1806 in de familie de Weichs de Wenne. Deze familie is nog steeds eigenaar van het 700 hectare grote Landgoed Geijsteren, dat een groot deel van de gronden van de voormalige heerlijkheden Geijsteren, Oostrum en Wanssum omvat.

Pachtboerderij zwart witte luiken Geijsteren

Geijsteren – Regionaal bestuurscentrum

De heerlijkheid Geijsteren lag in de middeleeuwen in Opper-Gelre, een gebied dat een groot gedeelte van Noord- en Midden-Limburg, en een deel van Noordrijn-Westfalen, omvatte. Het was onderdeel van het bestuursdistrict Land van Kessel. Dit district liep van Kessel tot Venray en bevond zich tussen de Peel en de Maas, een belangrijke historische handelsroute.

Het Land van Kessel bestond uit 21 heerlijkheden. Nadat de laatste graaf van Kessel in 1279 zijn bezittingen in dit gebied aan de Graaf van Gelre verkocht, werden ze eigendom van Gelre, waar de heerlijkheid Geijsteren al sinds 1236 toe behoorde. Elf van deze 21 heerlijkheden vielen rechtstreeks onder Gelre, de landsheerlijkheden. Deze landsheerlijkheden waren bestuurlijk samengebracht in het Ambt Kessel, bestuurd door een ambtman. De tien andere heerlijkheden waren eigen heerlijkheden die werden bestuurd door een plaatselijke heer. De heerlijkheid Geijsteren, maar ook Oostrum-Spraland en Oirlo, waren zo’n eigen heerlijkheid.

De heren van Geijsteren speelden eeuwenlang een belangrijke politieke rol in het Kwartier Opper-Gelre. Ze bezaten diverse functies met hoog aanzien in dit gebied, zoals Ambtman van Kessel, Ambtman van Goch, Erfhofmeester van Gelre en Erfkamerling van Kleef. Door deze functies behoorden ze tot de vaste kring van raadslieden rond de hertog van Gelre. Daarnaast hadden zij zitting in de Staten van het Kwartier Opper-Gelre.

Door het Traktaat van Venlo van 1543, ter beëindiging van de oorlogen tussen Gelre en Brabant, werd Gelre onderdeel van de Spaanse Nederlanden. Door geldgebrek besloot de Spaanse koning in 1673 de landsheerlijkheden van het Land van Kessel te verkopen. Daarna kocht de heer van Geijsteren de naastgelegen heerlijkheid Wanssum.

Stadsrechten Geijsteren – Beoogd Militair steunpunt op de grens van Gelre en Brabant

Geijsteren ligt op de grens van de huidige provincies Limburg, in het voormalige Opper-Gelre, en Noord-Brabant. Opper-Gelre had echter geen directe verbinding met het later door de graven van Gelre verworven Neder-Gelre, de huidige provincie Gelderland. Daarom hadden de graven van Gelre hun zinnen gezet op het noordelijk van het Land van Kessel gelegen Land van Cuijk, om een corridor tussen Opper- en Neder-Gelre te creëren.

Maar ook voor Hertogen van Brabant was het Land van Cuijk strategisch en economisch zeer belangrijk. Bij Cuijk kruiste de landweg van Brabant naar Keulen via een stenen brug de Maas. Keulen was niet alleen een belangrijke handelsstad maar Hertog Jan I van Brabant bezat er ook enkele gebieden en was bezig zijn grondgebied verder naar het oosten uit te breiden.

Vanwege het ontbreken van een goede militaire machtsbasis op de noordwestelijke oever van de Maas, wilde de graaf van Gelre daarom een stad bij het Land van Cuijck stichten. Op 16 november 1314 krijgt hij toestemming van de Rooms-Duitse koning om stedelijke vrijheden aan Wanssum te geven. Van dit voornemen is blijkbaar niets terecht gekomen, en op 1 augustus 1317 krijgt de graaf van Gelre vervolgens toestemming om in plaats daarvan aan Geijsteren stedelijke vrijheden te verlenen. Maar ook deze plaats ontwikkelde zich niet tot stad.

Kasteelruine Geijsteren

Kasteel Geijsteren – Mottekasteel langs de Maas

De hoofzetel van de heren van Geijsteren was kasteel Geijsteren. Dit toenmalige mottekasteel uit het begin van de dertiende eeuw bestond uit een ronde woontoren op een handgemaakte heuvel, een motte, met daaromheen een ringmuur. Deze omgrachte, ronde waterburcht stond in het moerassige gebied in het beekdal van de Oostrumse beek, onderdeel van de latere uiterwaarden, die enkele tientallen meters verder in de Maas uitmond.

Kasteel Geijsteren ontwikkelde zich tot een permanent bewoonde vesting. Zo werd een omgrachte voorburcht toegevoegd en werd de hoofdburcht voorzien van een toren aan de westzijde. De grachten werden gevoed door het water van de Oostrumse beek.

Nadat de heerlijkheid Geijsteren in 1451 het eigendom van twee heren was geworden werd kasteel Geijsteren door beide heren gezamenlijk gebruikt. De ene heer woonde met zijn familie op de hoofdburcht en de andere op de voorburcht. Daarom had de hoofdburcht, behalve een toegang via een brug vanaf de voorburcht, ook een toegang aan de oostzijde. De beide heren sloten een Borchvrede, een contract waarin het gebruik en onderhoud van Kasteel Geijsteren was geregeld.

Het kasteel is door de eeuwen heen diverse malen grotendeels verwoest en weer herbouwd. Nadat het kasteel in 1944 door een Engels bombardement was verwoest is het kasteel niet opnieuw herbouwd. De Kasteelruïne Geijsteren is in 2010 geconsolideerd.

Watermolen Geijsteren

Landgoed Geijsteren – Gevarieerd historisch cultuurlandschap

Landgoed Geijsteren omringd als een groene gordel de stad Geijsteren. Het 700 hectare grote landgoed is één van de grootste landgoederen van Limburg.

Het adellijke Landgoed Geijsteren ligt in een eeuwenoud cultuurhistorisch landschap aan beide zijden van de nog vrij meanderende Oostrumse beek. Het landgoed bestaat uit weiden en akkerlanden, met daartussen lange lanen en singels, en uit natuurgebieden met loof- en naaldbossen en vennen. Verspreid over het landgoed liggen diverse pachtboerderijen, die duidelijk herkenbaar zijn aan de zwart-witte luiken. Ook in de kern van Geijsteren staan diverse tot woonhuis verbouwde pachtboerderijen die eigendom zijn van Landgoed Geijsteren.

verrekijker

Bezienswaardigheden Geijsteren

Overzicht

Historische kern Geijsteren

De historische kern Geijsteren bestaat uit een lintbebouwing van grotendeels boerderijen langs de Dorpsstraat en Oostrumseweg, de weg tussen de esakkers naar de woeste gronden. Pas vanaf 1963 is Geijsteren in fasen aan de noordwestkant uitgebouwd tot het huidige compacte dorp. Typische historische boerderijen in de stadskern, met luiken in de kleuren van Landgoed Geijsteren zijn;

  • De Grote Spiekert (Dorpsstraat 1). Boerderij uit rond 1800.
  • De Kleine Spiekert (Dorpsstraat 5). Boerderij uit rond 1750.
  • De Lindenhof (Dorpsstraat 7). Boerderij uit 1840.
  • Pachtboerderijen (Oostrumseweg 1, 2)

Kasteelplaats Geijsteren

Kasteel Geijsteren (Wanssumseweg 2) staat bij de monding van de Oostrumse beek in de Maas. Het bevind zich tegenwoordig in de zuidelijke uiterwaarden van de Maas, tussen de Maasdijk (Wansumsseweg) en de Maas. Wat nog resteerd van het kasteel na de verwoestingen aan het einde van de Tweede Wereldoorlog zijn;

  • Kasteelruïne Geijsteren. Ruïne van een dertiende eeuws mottekasteel met voorburcht in de uiterwaarden langs de Maas. Kasteel Geijsteren bestond uit een ronde woontoren, met 1,8 meter dikke muren van mergel, op een handgemaakte heuvel (een motte), met daaromheen een ringmuur met een middellijn van 23 meter. Rondom de kasteelruïne ligt een door de Oostrumse beek gevoede gracht.
  • Voormalige kasteeltuin. De tussen (Zuidelijk van Kasteel Geijsteren). De tussen Kasteelruïne Geijsteren en het kerkhof gelegen omgrachte tuin staat tegenwoordig vol met populieren.
  • Kasteelwal. Rondom het kasteel ligt een, nog deels aanwezige, aarden wal zodat het huis beschermd was bij hoogwater van de Maas.
  • Kasteelhaventje. Achter kasteelwal rond Kasteel Geijsteren bevind zich een haventje dat in directe verbinding staat met de Maas, tegenwoordig een plezierhaven.
  • Kerkhof. Kerkhof op terp langs de Maas, zuidelijk van Kasteel Geijsteren. Op deze terp stond sinds de tiende eeuw de kerk van Geijsteren, die net als het kasteeel, in 1944 verwoest werd. De kerk is in 1949 herbouwd aan het dorpsplein in de historische kern van Geijsteren.
  • Kasteelboerderij De Boogaard of Simonshof (Wanssumseweg 1). Herenboerderij uit de zeventiende eeuw, die afwisselend kasteelboerderij en pachtboerderij was. Bij de boerderij staat een grote bakstenen ‘tiendschuur’ met zadeldak. In deze boerderij is tegenwoordig een restaurant gevestigd.

Landgoed Geijsteren

Landgoed Geijsteren van ongeveer 700 hectare, dat grotendeels op het grondgebied van Geijsteren en Oostrum ligt, maar deels ook in Wanssum, Maashees en Smakt. Rondom de centraal op Landgoed Geijsteren gelegen kasteelplaats Geijsteren bevinden zich;

  • Landhuis Geijsteren (Maasheseweg 4). Landhuis uit 1954 dat is gebouwd nadat Kasteel Geijsteren in de Tweede Wereldoorlog was verwoest. Tussen het landhuis en Maas ligt een parkachtige tuin en achter het huis het Sint-Annabos (niet toegankelijk).
  • Pachtboerderijen. Verspreid over het landgoed liggen diverse pachtboerderijen met voor het landgoed karakteristieke zwart-witte luiken;
    • Peijtenhof (of Bazenhuis) (Alde Pastorie 5A). Op het erf van deze boerderij bevond zich tot 1881 ook de pastorie van de Geijsterse parochie.
    • Nieuwenhof (Sint Wilbertsweg 28).
    • Jonkhof (Sint Wilbertsweg 30).
    • Klein Spraland (Geysterseweg 33, Oostrum).
    • Rosmolen. Boerderij naast watermolen (De Rosmolen 1, Oostrum).
  • Watermolens. Op Landgoed Geijsteren staan twee watermolens;
    • De Rosmolen (De Rosmolen 1, Oostrum). Watermolen aan de Oostrumsebeek met vierkant watermolengebouw met rietgedekt tentdak. De watermolen staat naast een boerderij bij een landbouwenclave midden in de bossen van Landgoed Geijsteren.
    • Holtmeulen of Watermolen van Geijsteren (Sint Wilbertsweg 24). Deze watermolen staat aan de Oostrumse beek waar deze beek over de rand van het Maasterras stroomt. Het maalwerk is niet langer aanwezig maar het ijzeren onderslagrad met een diameter van 4,95 meter wordt tegenwoordig gebruikt voor het opwekken van elektriciteit. Het stenen molengebouw uit 1750 is ingericht als woonhuis.
  • Sint Willibrorduskapel (Sint Wilbertsweg bij 30). Kapel in het bos van Landgoed Geijsteren op de plek van een verondersteld voormalig heidens heiligdom. De huidige kapel is in 1641 herbouwd op de plek waar de heilige Willibrord predikte en waar eerder een houten kerk stond. De kerk lag bij de grens tussen het Land van Kessel en het Land van Cuijk met buiten de kapel;
    • Oude grenspaal. Replica van oude grenspaal uit 1553.
    • Waterput. Waterput uit rond 400 na Christus die van oudsher bekendstaat als heilige bron waarvan het water een genezende kracht voor oogziekten zou hebben en waar Willibrordus aankomende gelovigen doopte voordat er een kerkje stond.
  • Veldkapellen
    • Sint Annakapel (Maasheseweg bij 2). Veldkapel uit 1800.
    • Maria- of Bongaertskapel (kruising Monendijk/Dijkweg). Veldkapel uit ongeveer 1700.
    • Onze-Lieve-Vrouwe-van-Heimwee-en-Verlangenkapel (Sint Wilbertsweg bij 20). Kapelletje uit de negentiende eeuw.
  • Landweer (Sint Wilbertsweg bij 30). Langgerekte, met doornstruiken begroeide aarden wal uit de veertiende eeuw, voorzien van een gracht in het grensgebied tussen het Land van Cuijk en Land van Kessel tevens de grens tussen de heerlijkheden Geijsteren en Maashees. Restanten van deze landweer zijn nog altijd tussen deze twee plaatsen aanwezig, in het bijzonder tussen de visvijver achter boerderij de Jonkhof en de Sint-Willibrordus-kapel.

bike

Activiteiten in Geijsteren

Eten en drinken

Eten & drinken in Geijsteren

Overnachten

Overnachten in Geijsteren

  • B&B
    • Lindenhof (Dorpstraat 7).
    • De Jonkhof (Sint Wilbertsweg 30).
    • Logement de Heerlijkheid (Dorpstraat 19).
    • Kei Moj (Dorpstraat 26).
  • Camping

Natuur en landschap bij Geijsteren

Geijsteren ligt aan de Maas in een afwisselend landschap met opvallende reliëfverschillen. Her en der zijn nog restanten van het eeuwenoude esdorpenlandschap zichtbaar, maar door ontginning van het gebied rond 1900 is het kleinschalige historische landschap grotendeels verloren gegaan. Het buitengebied van Geijsteren is wel nog steeds rijk aan bomenlanen en singels.

Parallel aan de Maas vallen enkele langgerekte landschapszones te onderscheiden. Direct langs de Maas ligt de overstromingsvlakte met graslanden. Op sommige plekken liggen nog Maasheggen in de uiterwaarden, die gebruikt werden als perceelscheiding en als opvang van vruchtbare slib na het terugtrekken van hoog Maaswater. In droge perioden is het zand dat door de Maas is afgezet opgestoven en zijn rivierduinen gevormd, die de basis vormen voor de terpen waarop de boerderijen in de buurt van de Maas staan.

Achter deze overstromingsvlakte ligt het Laagterras en daar weer achter het Middenterras. Op de terrassen liggen oude Maasmeanders, zoals in de Nieuwlandse bossen en het Geijsterense ven. In deze oude meanders liggen nog relicten van de Maasgeul die gevoed worden door kwelwater vanuit de hogere zandgronden, waardoor er stromende beken in liggen die uitmonden in de Oostrumse beek. Ook vind er veenvorming plaats in de naast de oude Maasgeul gelegen broekbossen (o.a. Geijsterense ven). Op het Maasterras liggen aan de hoge zijde van Geijsteren de oude esgronden aan beide zijden van de Oostrumse weg, nog steeds herkenbaar aan een lichte bolling van de akker.

Daar weer achter liggen de hogere zandgronden. Deze zijn na de laatste ijstijd ontstaan toen de wind een laag dekzand op het aanwezige erosiedalenlandschap afzette. Hierdoor ontstond een golvend dekzandlandschap waar de Geijsterender Heide lag. In de late middeleeuwen heeft door overexploitatie vaak ook nog zandverstuiving plaats gevonden. Ook lagen hier bossen voor de jacht en voor het weiden van het vee en deed het hout dienst als bouwmateriaal en brandstof. Hoe dit stuifduinenlandschap er toen uitzag is nog goed te zien in het direct westelijk van Geijsteren gelegen Natura 2000 gebied Boschhuizerbergen. De voormalige woeste gronden in Geijsteren zijn in de loop van de negentiende- en twintigste eeuw ontgonnen en tot landbouwgrond en bos omgevormd.

De Oostrumse beek die dwars door Geijsteren stroomt is 20 kilometer lang en ontspringt in de Hoge Peel. Hij is diep ingesleten in de hogere zandgronden en Maasterrassen, met op diverse plekken fraaie steilranden. Door haar lagere ligging wordt hij bovendien voortdurend gevoed door kwelwater vanuit de hoge zandgronden. De Oostrumse beek is een laaglandbeek met een gering verval en lage stroomsnelheid en heeft op landgoed Geijsteren nog haar oorspronkelijke meanderende loop. De Oostrumse beek is rijk aan vis en is tegenwoordig ook weer vrij optrekbaar van af de Maas.

Langs de Oostrumse beek liggen op diverse plaatsen nog overblijfselen van de oorspronkelijke beemden, gekenmerkt door kleine kavels met perceelscheidingen bestaande uit houtwallen, elzensingels of sloten die loodrecht op de beek staan (onder andere achter Oostrumseweg 32 en langs de Rosmolen).

De oudere bossen van Landgoed Geijsteren zijn gemengde bossen, voornamelijk bestaand uit grove den en zomereik, die door hun afwisselende opbouw het leefgebied vormen van een gevarieerde bosflora en –fauna. Er komen grote populaties bosvogels voor en op de hoger gelegen zandgronden rondom Geijsteren leeft de das. De vochtige beekdalen en oude maasmeanders zijn rijk aan amfibieën.

DiscoverNL
Privacyoverzicht

Deze site maakt gebruik van cookies, zodat wij je de best mogelijke gebruikerservaring kunnen bieden. Cookie-informatie wordt opgeslagen in je browser en voert functies uit zoals het herkennen wanneer je terugkeert naar onze site en helpt ons team om te begrijpen welke delen van de site je het meest interessant en nuttig vindt.